Kruiwagenspel

Actief met lichaam en geest, wat wil een mens nog meer? Het kruiwagenspel biedt alle mogelijkheden om natuur en natuurwetenschappen met elkaar te verbinden. Uitvoeren, waarnemen, waarnemingen ordenen, conclusies trekken, verbeteringen doorvoeren en opnieuw beginnen. InleidingHet ligt voor de hand dat er een verband bestaat tussen de beenlengte en de gemiddelde pasgrootte.

Het ligt ook voor de hand dat de pasgrootte varieert met de loopsnelheid, maar is dat zo?Je kunt op je handen lopen als een partner je enkels vasthoudt. Bij deze kruiwagenloop is de paslengte waarschijnlijk afhankelijk van de armlengte. Is dat zo? En welke rol speelt de loopsnelheid?

Uitvoering

Je wandelt een parcours van twintig meter en je telt je stappen. Bereken de gemiddelde staplengte. Je rent een parcours van twintig meter en je telt je stappen. Bereken de gemiddelde staplengte. Je meet je beenlengte van je rechterbeen.Je wandelt als kruiwagen een parcours van tien meter. Je meet het aantal stappen. Je rent als kruiwagen een parcours van tien meter. Je meet het aantal stappen. Je meet de armlengte van je rechterarm.Zet de waarden in een tabel, vergelijk de waarden met elkaar en trek conclusies. Presenteer je bevindingen.

Waarnemingen

Plezier, gelach, geroep, aanmoedigingen en valpartijen zijn direct waarneembare resultaten. Deelnemers discussiëren over de armlengte; is dat vanuit de oksel tot het uiteinde van de gestrekte hand, of is de afstand tot de pols beter?

Conclusies

Uit de meetwaarden van 24 lopers zijn nauwelijks (lineaire) verbanden te destilleren. De paslengte varieert bijna niet. Harder lopen levert grotere passen, maar meer is er niet van te zeggen. Er is een grote spreiding tussen beenlengte, armlengte en aantal passen. Ook hier is geen eenduidige relatie vast te stellen. Kwantitatief is het experiment mislukt.Wat kan anders?

Wellicht is het parcours te kort. Wellicht is de instructie te ruim. Misschien is de uniforme leeftijdsopbouw van de bijna twintigers te weinig onderscheidend.We keken na afloop van het experiment naar de video-opname.

De kruiwagentechniek is heel divers. Sommige deelnemers zetten de handen naar voren, geheel vergelijkbaar met de wandelpas, maar anderen zwaaien de armen ver opzij. Door de handen ver uit elkaar te plaatsen blijft evenwicht beter gegarandeerd. Sommige kruiwagenlopers hielden de kruiwagen bij de enkels vast, anderen zochten de knieën van de kruiwagen. Die laatste techniek zorgde voor een hoog zwaartepunt van de kruiwagen, en kortere passen als gevolg.Bij de kruiwagenloop lijkt het erop dat mensen met lange armen in verhouding meer stappen verzetten.

Onderscheid tussen langzame en snelle stap met de handen is nauwelijks te zien. Versnellen gaat lastig voor de kruiwagen. Bij verwerking van de meetwaarden is consultatie van collegas wiskunde heel handig.

Verbeteringen

Uit het experiment is helder dat niet alleen de armlengte van de kruiwagen een rol speelt. Ook de maten van de kruier bepalen het resultaat. Het lijkt handig om een dubbele snelheid af te spreken, dubbel vergeleken met de wandelpas. Wie sprint neemt grotere stappen. De kruiwagenloop biedt voldoende aanknopingspunten voor een interessante herhaling.

Analyse van de video-opnamen levert wellicht aanvullende gegevens over loopsnelheid en wandeltechniek. Ik ben benieuwd.

Het oriënterende experiment werd uitgevoerd tijdens de introductie op Ameland van eerstejaars Exacte Vakken van de Noordelijke Hogeschool Leeuwarden.